Deprecated: Creation of dynamic property WebsiteSettings::$_tablePrefix is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/cms/class.websitesettings.php on line 45

Deprecated: Creation of dynamic property WebsiteSettings::$moduleName is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/cms/class.websitesettings.php on line 46

Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/smarty/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 719

Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/smarty/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 719
Bedrijfsvoering | Veldvest Jaarverslag 2019

Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/smarty/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 719

Kengetallen


Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/smarty/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 719

Het jaar 2019 wordt afgesloten met een fors positief resultaat. Waar Veldvest een negatief saldo in de begroting heeft opgenomen bleek in het najaar van 2018 dat er afwijkingen ten opzichte van de begroting zouden optreden. Na vaststelling van de schooljaarbegroting 2018-2019 werd in juli 2018 de CAO 2018-2019 van kracht, dit heeft tevens gevolgen voor 2019 zowel in de personele bekostiging als de personele lasten.

Tevens zijn een tweetal oorzaken te noemen waarom het resultaat over 2019 fors positief uitvalt, namelijk de totstandkoming van de CAO 2019-2020 en het convenant aanpak lerarentekort in oktober en november van 2019. Dit resulteerde in extra baten in 2019 terwijl de daaraan verbonden eenmalige uitkeringen van € 862.000 pas in februari 2020 uitgekeerd worden. Via de resultaatbestemming is voor deze eenmalige uitkeringen eind 2019 een bestemmingsreserve gevormd ter hoogte van de kosten van € 862.000. Doordat de kosten in 2020 vallen betekent dat het resultaat over 2020 negatiever gaat uitvallen dan begroot. Meer informatie is te vinden in de paragraaf Staat van baten en lasten in dit hoofdstuk.

Daarnaast heeft Veldvest het project representatie en leefbaarheid opgestart. Een beschrijving van dit project is weergegeven in dit hoofdstuk. Voor de uitvoering van dit project is een bestemmingsreserve van € 300.000 gevormd. De uitvoering van dit project start in 2020.

De in 2019 ontvangen baten zorgen voor een uitgaande geldstroom en grotendeels lasten in 2020 van ruim € 1.100.000. Hetgeen bovenstaand is beschreven is zichtbaar in de kengetallen zoals hieronder zijn weergegeven. De liquiditeitspositie is op balansdatum positiever door de ontvangen baten. Daarnaast is het grote positieve resultaat zichtbaar in de rentabiliteit.

Ratio Realisatie 2018 Realisatie 2019 Begroting 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 Comm.Don Ondergrens Comm.Don Bovengrens Inspectie van het onderwjis
Solvabiliteit 2 78% 80% 75% 73% 73% 20% Geen <30%
Liquiditeit 2,9 3,2 2,2 2,2 2,3 0,5 1,5 <0,75
Huisvestingsratio 0,06 0,06 0,06 0,06 0,06 >0,10
Weerstandsvermogen 0,27 0,30 0,25 0,23 0,23 <5%
Rentabiliteit 0,01 0,05 -0,02 -0,01 -0,01 0% 5% 3-jarig < 0
2-jarig <-0,05
1-jarig <-0,10
Personeel lasten/totale baten 83,77% 80,50% 85,83% 85,76% 85,46%

Balans

31-12-2019 31-12-2018
Activa
Materiële vaste activa € 4.143.000 € 4.011.000
Vorderingen € 1.659.000 € 1.530.000
Liquide middelen € 5.501.000 € 5.077.000
Totaal activa € 11.303.000 € 10.618.000
Passiva
Eigen vermogen € 7.419.000 € 6.211.000
Voorzieningen € 1.629.000 € 2.107.000
Kortlopende schulden € 2.252.000 € 2.300.000
Totaal passiva € 11.300.000 € 10.618.000

Voor de beoordeling van de financiële positie hanteert Veldvest de signaliseringswaarden van de inspectie van het onderwijs en de commissie Don als referentiekader. Deze waarden zijn nadrukkelijk geen normen. Zij dienen als detectiemiddel van mogelijke problemen. De verhoudingen op de balans geven een financieel gezonde organisatie weer. De inzet van het vermogen, de reserves, wordt jaarlijks beoordeeld tijdens het samenstellen van de meerjarenbegroting om zo de financiële continuïteit te blijven waarborgen. Daarnaast maakt Veldvest gebruik van interne kengetallen en normen. De balansgerelateerde kengetallen zijn bovenstaand weergegeven.

Materiële vaste activa

In 2019 is voor ongeveer € 690.000 geïnvesteerd in materiële vaste activa. Aan tablets en chromebooks is bijna € 152.000 geïnvesteerd, voor de vervanging en uitbreiding van digiborden ruim € 172.000. Aan werkplekken en oplaadkarren is € 97.000 geïnvesteerd. Voor diverse leermethoden is € 169.000 uitgegeven. De overige investeringen zijn divers en bestaan onder andere uit meubilair en diverse installaties.

De investeringen, die door Veldvest worden gedaan, gebeuren altijd in het perspectief van de meerjarenbegroting, die jaarlijks in juni voor een volgende periode van vier schooljaren wordt vastgesteld. Op 23 juni 2019 is de meerjarenbegroting over de schooljaren 2019-2020 tot en met 2022-2023 goedgekeurd door de raad van toezicht.

Voor de te verwachten toekomstige investeringen wordt verwezen naar de continuïteitsparagraaf.

Tot € 5.000 kunnen de directies van de scholen investeringsuitgaven doen, mits opgenomen in de begroting. Uitgaven van € 5.000 of meer behoeven altijd de goedkeuring van het bestuur. Deze goedkeuring wordt door middel van een formeel bestuursbesluit bekrachtigd. Dit geldt zowel voor investeringen in materiële vaste activa als voor uitgaven in het kader van het groot onderhoud.

Vorderingen

De vorderingen zijn eind 2019 bijna € 130.000 hoger dan de stand ultimo 2018.

De stijging is voor ruim € 58.000 toe te wijzen aan de vordering op het Ministerie van OCW. Door de stijgingen in de bekostiging stijgt automatisch de vordering hierop. Daarnaast is het saldo van vooruitbetaalde bedragen, overige vorderingen en debiteuren met bijna € 70.000 gestegen.

Eigen vermogen

Het eigen vermogen per 31 december 2019 bestaat uit de algemene reserve en bestemmingsreserves. De bestemmingsreserve Passend Onderwijs is gevormd om onder andere de landelijke verevening in de bekostiging op te vangen. De bestemmingsreserve personele fricties wordt aangewend indien na vaststellen van de begroting strategische interventies, bijvoorbeeld in de groepssamenstelling, aanpassingen nodig zijn in de personele inzet die niet gecompenseerd worden door hogere baten of andere financiële meevallers.

In 2019 zijn de bestemmingsreserves eenmalige CAO uitkeringen en representatie & leefbaarheid gevormd. De bestemmingsreserve eenmalige CAO uitkeringen is zoals eerder beschreven gevormd voor de uitkeringen welke in februari 2020 uitbetaald worden aan de medewerkers.

In oktober 2019 heeft er een bijstelling van de bekostiging plaatsgevonden waardoor er extra baten zijn ontvangen over vorig schooljaar. Daarnaast is er een hoog bedrag ontvangen aan groeigelden. Veldvest staat er financieel gezond voor en heeft de wens het eigen vermogen de komende jaren niet verder te laten oplopen. Hierop is dan ook besloten de gelden van de bijstelling van de bekostiging extra te investeren. Hiermee is het project ‘representatie en leefbaarheid’ ontstaan.

Alle scholen hebben eind november 2019 hun wensen omtrent representatie en leefbaarheid van de school opgesteld. In december 2019 is in kaart gebracht welke wensen uitvoerbaar of reeds gepland zijn en welke plannen nader onderzocht moeten worden en waar wellicht een link gelegd dient te worden met het meerjarenonderhoudsplan en de bestemmingsreserve duurzaamheid. De uitwerking van dit project start vanaf 2020.

In 2018 zijn de bestemmingsreserves verduurzaming en ontwikkelingen ten behoeve van een school in de nieuwe wijk Huysackers gevormd. De bestemmingsreserve verduurzaming is gevormd om de (afschrijvings)kosten op te vangen van verduurzamingsmaatregelen welke niet in meerjarige onderhoudsplannen (voorziening groot onderhoud) zijn opgenomen.

Stand per 1-1-2019 Resultaat Overige mutaties Stand per 31-12-2019
Eigen vermogen
Algemene reserve € 4.158.000 € 345.000 € -300.000 € 4.203.000
Bestemmingsreserve (publiek):
Personele fricties € 903.000 € - € - € 903.000
Passend Onderwijs € 500.000 € - € - € 500.000
Verduurzaming € 300.000 € - € - € 300.000
Ontwikkelingen huysackers € 350.000 € - € - € 350.000
Representatie en leefbaarheid € - € - € 300.000 € 300.000
Eenmalige CAO uitkeringen € - € 862.000 € - € 862.000
Totaal bestemmingsreserve € 2.053.000 € 862.000 € 300.000 € 3.215.000
Totaal Eigen vermogen € 6.211.000 € 1.207.000 € - € 7.418.000

Voorziening onderhoud

In 2019 is er voor ruim € 570.000 gedoteerd aan de voorziening voor groot onderhoud. Veldvest volgt de ontwikkelingen vanuit de externe verslaggeving over de vorming van de voorziening voor groot onderhoud. Naar verwachting volgt in 2020-2021 hierover meer duidelijkheid. Dit kan resulteren in het verhogen van de voorziening ten laste van het eigen vermogen. Wanneer er duidelijkheid is vanuit de externe verslaggeving worden de MJOP’s geactualiseerd waarbij tevens het duurzaamheidsaspect opgenomen wordt.

Aan de voorziening werd in 2019 een bedrag van ruim € 1.086.000 onttrokken (2018 ruim € 386.000). Grotere projecten in 2019 waren de vervangingen van de daken bij bs. De Berckacker en bs. De Brembocht, kozijn- en raamvervanging bij bs. aan ’t Heike en de kwaliteitsimpuls bij bs. De Meerhoef.

De stand van de voorziening groot onderhoud is per 31 december 2019 € 1.117.000, een daling van € 515.000 ten opzichte van 31 december 2018 (€ 1.632.000).

Meer informatie over huisvesting is te vinden in de paragraaf huisvesting.

Voorziening jubilea

De voorziening is opgenomen tegen een vast bedrag per FTE op balansdatum, € 1.066. De werkelijke jubilea-uitkeringen worden ten laste van deze voorziening gebracht.

Overige voorzieningen

De overige voorzieningen bestaan uit de voorziening voor langdurig zieken, deze heeft in 2019 een hoogte van bijna € 197.000.

Kortlopende schulden

De kortlopende schulden zijn ten opzichte van 2018 met ruim € 44.000 gedaald.

Enkele belangrijke oorzaken hiervan zijn de stand crediteuren per ultimo boekjaar en de verwachte servicekosten en afrekeningen voor medegebruik van Veldvest scholen in MFA’s.


Staat van baten en lasten

Realisatie 2019 Begroting 2019 Realisatie 2018
Baten
Rijksbijdragen ministerie OCW € 24.225.000 € 22.381.000 € 22.516.000
Overige overheidsbijdragen en -subsidies € 41.000 € 41.000 € 48.000
Overige baten € 200.000 € 211.000 € 142.000
Totaal baten € 24.466.000 € 22.633.000 € 22.706.000
Lasten
Personeelslasten € 19.696.000 € 19.349.000 € 19.020.000
Afschrijvingslasten € 559.000 € 669.000 € 618.000
Huisvestingslasten € 1.400.000 € 1.254.000 € 1.285.000
Overige lasten € 1.602.000 € 1.716.000 € 1.558.000
Totaal lasten € 23.257.000 € 22.988.000 € 22.481.000
Financiële baten en lasten € -2.000 € 3.000 € -2.000
Resultaat € 1.207.000 € -352.000 € 223.000

Rijksbijdragen

Onder de rijksbijdragen zijn naast de bijdragen van het Rijk de baten voor de lichte en zware zorg verantwoord. Deze baten worden ontvangen vanuit het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs.

De afwijking ten opzichte van de begroting van de totale rijksbijdragen van € 1.845.000 is mede te verklaren door de aanpassingen in de normen en het convenant aanpak lerarentekort.

Schoolbesturen moeten de baten voor de in de CAO afgesproken eenmalige uitkeringen verantwoorden in 2019 en de lasten hiervan vallen in 2020. Hierdoor vallen het resultaat 2019 en daarmee ook de reserves in 2019 fors hoger uit. De meeste maatregelen uit de CAO zullen echter in 2020 in werking treden, zoals twee eenmalige uitkeringen die in februari 2020 worden uitbetaald.

De bijstelling van de bekostiging over 2018-2019 betrof € 700.000. Deze bijstelling heeft betrekking op de vaststelling van de CAO voor 2018-2019 in het najaar van 2018.

In december 2019 is er € 334.000 ontvangen, vanuit deze gelden wordt de eenmalige uitkering, van € 875 naar rato van de werktijdfactor, in februari 2020 (ongeveer € 361.000) bekostigd. Daarnaast zijn er in 2019 arbeidsvoorwaardelijke middelen ontvangen waaruit de eenmalige uitkering van 33% (ongeveer € 501.000) van het verhoogde bruto loon moet worden bekostiging.

In 2019 zijn er voor het schooljaar 2018-2019 bijna 270.000 aan groeigelden ontvangen. Deze groeibekostiging wordt op stichtingsniveau berekend en ontvangen.

In 2019 zijn de ontvangen baten voor de bijzondere bekostiging prestatiebox ruim € 654.000. Deze middelen zijn onder andere ingezet voor professionalisering, aanpak werkdruk, duurzame onderwijsverbetering en cultuureducatie.

Overige overheidsbijdragen en overige baten

De overige overheidsbijdragen en overige baten zijn nagenoeg conform begroting. De overige baten bestaan uit de vrijval van de subsidie muziekimpuls voor € 113.000 en diverse overige projecten.

Personeelslasten

De gerealiseerde personele lasten bedragen in 2019 80,5% van de totale baten. De begroting geeft een verhouding van 85,5% weer, de realisatie 2018 was 83,8%. De gerealiseerde percentages vallen binnen de maximale waarde die Veldvest hiervoor hanteert, maximaal 85%.

Zoals bij de Rijksbijdragen beschreven heeft Veldvest in 2019 baten ontvangen voor de CAO afspraken welke in 2019 zijn verantwoord. De uitbetaling van de salarismaatregelen vindt plaats in februari 2020. Hierdoor is de verhouding personele lasten ten opzichte van de totale baten uit balans. Dit geldt ook voor 2020, waardoor de totale baten niet overeenkomen met de personele lasten. Wanneer Veldvest de baten voor de eenmalige uitkeringen in 2020 had ontvangen was de verhouding over 2019 83,1%.

De kosten voor lonen en salarissen bedroegen in werkelijkheid € 270.000 meer dan was geraamd voor 2019. De overige personele lasten zijn ruim € 77.000 hoger dan begroot. De hogere kosten voor lonen en salarissen zijn in de periode januari tot en met juli 2019 gemaakt. In deze periode is het effect van de CAO 2018-2019 zichtbaar. In de periode augustus tot en met december zijn de salariskosten lager ten opzichte van de schooljaarbegroting 2019-2020.

2019 2018
Directie 15 16
Onderwijzend personeel 208 206
Onderwijsondersteunend personeel 64 58
Totaal fte's 287 280

Werkdrukgelden

De gelden van het werkdrukakkoord zijn ingezet door de scholen. Alle scholen hebben een zorgvuldig traject met het team van de school gelopen waarin werkdruk is gedefinieerd en besproken: hoe wordt werkdruk ervaren en welke maatregelen kunnen genomen worden om de beleving van werkdruk te verlagen. Op alle scholen zijn er keuzes gemaakt en deze keuze is bekrachtigd door instemming van de PMR.

Dit heeft in alle scholen geresulteerd in inzet van extra formatie, hierbij valt te denken aan:

  • inzet van een onderwijsassistent ter ondersteuning in groepen;
  • klassenverkleining ;
  • extra tijd voor duo’s in de groep;
  • parttime inzet leerkracht om voor alle groepen van de school wekelijks lessen te verzorgen rondom wetenschap / techniek en creatief denken;
  • meer tijd voor onderling overleg en ondersteuning in de onderbouw, middenbouw en bovenbouw.

Kosten professionalisering

Deze kosten bedroegen over 2019 afgerond € 231.000 (2018: € 192.000). Het budget is besteed aan onder andere BHV trainingen, opleiding schoolleiders voor de (her)registratie, zij-instromers, diverse gezamenlijke trajecten voor leermonitoren en regisseurs.en individuele opleidingen en cursussen.

Beleid inzake beheersing van uitkeringen na ontslag

Alle voornemens tot ontslag worden van tevoren uitgebreid (intern en extern) juridisch gecheckt op rechtmatigheid. Veldvest maakt daarbij gebruik van de deskundigheid van een arbeidsjurist, gespecialiseerd in de sector onderwijs.

Afschrijvingslasten

De afschrijvingslasten zijn € 110.000 lager dan begroot en € 60.000 lager dan 2018. De afschrijvingskosten zijn ten opzichte van de begroting met name lager doordat geplande investeringen later worden gerealiseerd en investeringen te hoog worden ingeschat bij het begrotingsproces. Het verschil ten opzichte van 2018 komt met name voort uit de grote post desinvestering eind 2018 van € 116.000 ten opzichte van € 9.500 desinvestering eind 2019.

Huisvestingslasten

De huisvestingsratio bedraagt 0,06. De inspectie van het Onderwijs heeft een signaleringsgrens van > 0,10. De totale huisvestinglasten zijn € 146.000 hoger dan begroot en € 115.000 hoger dan 2018.

De overschrijding komt met name voort uit de kosten klein- en jaarlijks terugkerend onderhoud en de kosten voor gas, water en licht. Onder de kosten voor klein- en jaarlijks terugkerend onderhoud zijn de voorlopige afrekeningen opgenomen van de nog te betalen servicekosten MFA’s aan de gemeente Veldhoven van 2017 tot en met 2019. Ten opzichte van de begroting heeft dit een negatief effect van bijna € 34.000. Daarnaast zijn er kleinere onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd welke niet ten laste van de voorziening onderhoud worden gebracht. Zo zijn er kosten gemaakt voor noodzakelijk reparatieonderhoud aan daken en storingen in de luchtbehandeling.

De kosten voor gas, water en licht zijn in de begroting over het schooljaar 2018-2019 te laag opgenomen. De invloed op de jaarbegroting over 2019 is 7/12, het effect over het jaar 2019 is bijna € 68.000.

Voor bovengenoemde posten geldt dat de begroting over het schooljaar 2018-2019 te laag is geweest. In de begroting voor 2019-2020 zijn de posten nauwkeurig beoordeeld om grote afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

Overige lasten

De totale overige lasten zijn € 113.000 lager dan de begroting, dit wordt grotendeels veroorzaakt door de lagere uitgaven aan leermiddelen en testen en toetsen. Ten opzichte van 2018 is er € 44.000 meer uitgegeven. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door investeringen vanuit verstrekte subsidies (MuziekImpuls en EMB-gelden).

Allocatie middelen

De personele bekostiging regulier en het budget personeels- en arbeidsmarkt beleid wordt op basis van de telling T en de gemiddelde gewogen leeftijd van Veldvest toegewezen aan de scholen. De overige subsidies vanuit het Ministerie worden rechtstreeks aan de scholen toegewezen.

De bijdragen door de scholen aan bovenschools/collectief geschiedt op basis van de rijksvergoeding van de school afgezet tegen de totale rijksvergoeding van Veldvest op basis van de telling T. De hoogte van het collectieve component wordt vastgesteld tijdens het begrotingsproces.

De bijdragen vanuit de scholen worden ingezet voor onder andere dotatie voorziening groot onderhoud, professionalisering, salariskosten stafbureau en college van bestuur, bedrijfsgezondheidszorg, verzekeringen, administratiekantoor en deskundigenadvies.

Onderwijsachterstanden

Vanaf het schooljaar 2019-2020 ontvangen de scholen de middelen voor onderwijsachterstanden op basis van de achterstandscores van het CBS. Voorheen werden deze middelen bepaald op basis van de gewichten van leerlingen. Binnen Veldvest zijn er 4 scholen welke, op basis van de nieuwe regeling, recht hebben op deze middelen.

Deze middelen worden rechtstreeks aan de scholen toegewezen. Op basis van de oude regelingen ontvingen de betreffende scholen ook de middelen. De organisatie van de scholen is hierop ingericht, dit betreft grotendeels door extra ondersteuning in de klassen.


Treasury

Op 25 januari 2017 is het treasurystatuut van Veldvest vastgesteld door de raad van toezicht. Het treasurybeleid is ondergeschikt en dienend aan de primaire doelstelling van Veldvest, het geven van onderwijs.

Met het oog op het afdekken van financiële risico’s en het financieren van geplande investeringen worden reserves en voorzieningen opgebouwd.

De liquide middelen staan op spaarrekeningen en lopende rekeningen. Het beleid van Veldvest ten aanzien van het beleggen en belenen van overtollige publieke middelen in 2019, conform de richtlijnen van de Rijksoverheid, is uitermate risicomijdend geweest.

In het kasstroomoverzicht is af te lezen dat het saldo van de liquide middelen met € 424.000 is gestegen. Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Dit wordt met name veroorzaakt door de in 2019 ontvangen baten welke in 2020 uitgekeerd inzake de vastgestelde CAO 2019-2020 en het convenant aanpak lerarentekort.

Kasstroomoverzicht 2019 2018
Kasstroom uit operationele activiteiten
Saldo Baten en Lasten € 1.210.000 € 224.000
Aanpassingen voor:
Afschrijvingen € 549.000 € 502.000
Mutaties voorzieningen € -477.000 € 297.000
Herwaardering - -
Veranderingen in vlottende middelen:
Voorraden
Vorderingen € -130.000 € -259.000
Schulden € -45.000 2€ 40.000
Totale kasstroom uit bedrijfsoperaties € 1.107.000 € 1.004.000
Ontvangen interest € 0 € 1.000
Betaalde interest € -2.000 € -2.000
€ -2.000 € -1.000
Totaal kasstroom uit operationele activiteiten € 1.105.000 € 1.003.000
Kasstroom uit investeringsactiviteiten
Investeringen in materiële vaste activa € -691.000 € -674.000
Desinvesteringen in materiële vaste activa € 10.000 € 116.000
Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten € -681.000 € -558.000
Kasstroom uit financieringsactiviteiten - -
Mutatie liquide middelen € 424.000 € 445.000
Beginstand liquide middelen € 5.077.000 € 4.632.000
Mutatie liquide middelen € 424.000 € 445.000
Eindstand liquide middelen € 5.501.000 € 5.077.000

Huisvesting

Veldvest heeft 16 scholen welke gehuisvest zijn in de gemeente Veldhoven en gemeente Eersel. De feitelijke situatie van de gehuisveste scholen in 2019 is als volgt:

Gemeente Veldhoven

Overzicht in gemeente Veldhoven gehuisveste scholen:

MFA Noord SO-afdeling Prins Willem Alexander School
MFA Midden bs. EigenWijs
SBO De Verrekijker
MFA Zuid bs. Op Dreef
Kempen Campus VSO-afdeling Prins Willem Alexander School
Overige scholen bs. Sint Jan Baptist
bs. De Berckacker
bs. De Heiacker
bs. aan ‘t Heike
bs. Zeelsterhof
bs. De Rank
bs. De Brembocht
bs. De Meerhoef

Gemeente Eersel

Overzicht in gemeente Eersel gehuisveste scholen:

MFA De Rosdoek in Wintelre bs. De Disselboom
MFA Knegsel in Knegsel bs. Meester Gijbels
Overige scholen bs. Sinte Lucij in Steensel
bs. St. Lambertus in Vessem

De gemeente Veldhoven is zowel economisch als juridisch eigenaar van de Veldvestscholen in Veldhoven. Voor de gemeente Eersel geldt dat alleen voor de MFA’s in Wintelre en Knegsel. Beide gemeenten hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in gebouwlijke verbreding, waardoor onder andere adequate huisvesting van kinderopvang mogelijk is gemaakt. Bestaande gebouwen werden aangepast. Nieuwe multifunctionele accommodaties (MFA’s) werden gebouwd.

In 2019 is gestart met het Integraal Huisvestingsplan (IHP) van de gemeente Veldhoven. Op 18 februari 2020 is in de besluitvormende raadsvergadering van de gemeente Veldhoven middels een unaniem aangenomen amendement het IHP gewijzigd en vastgesteld. Op korte termijn betekent dit dat er tijdelijke voorzieningen bij bs. St. Jan Baptist en in de wijk Huysackers worden gerealiseerd. Voor de geplande vervangende nieuwbouw of renovaties wordt er nader onderzoek gevraagd.

Volgens de PO-Raad, de VO-raad en de VNG wordt op dit moment door een aantal tekortkomingen in het huidige huisvestingsstelsel, publiek geld inefficiënt ingezet voor onderwijshuisvesting in het PO/VO. Zij hebben daarom op 14 december 2016 een gezamenlijk plan opgesteld, waarmee ze deze knelpunten willen wegwerken. Dit plan met concrete voorstellen is in december 2016 naar de staatssecretaris van OCW gestuurd. Doelstelling van de voornoemde belangenbehartigers was om de voorstellen in 2018/2019 (oorspronkelijk medio 2017) in samenwerking met OCW te hebben uitgewerkt.

Kernpunt in de voorstellen is dat gemeenten en de schoolbesturen gezamenlijk zorg willen dragen voor de kwaliteit van de huisvesting van de scholen over een langere periode. Het is nog onduidelijk wat de status is van het wetsvoorstel.

Naast het uitvoeren van de maatschappelijke onderwijstaak hecht Veldvest belang aan het thema duurzaamheid, zodoende is er in 2018 een bestemmingsreserve gevormd. Binnen de mogelijkheden stelt Veldvest investeringsplannen op waarmee op termijn de terugverdieneffecten zichtbaar zijn. In 2020 wordt er op minimaal 1 school van Veldvest zonnepanelen geplaatst. Daarnaast vindt er groot onderhoud in combinatie met duurzaamheid plaats bij bs. St. Lucij. Veldvest kiest ervoor om bij natuurlijke onderhoudsmomenten het thema duurzaamheid te integreren. Op bs. Zeelsterhof wordt er in 2020 lucht-water-warmte pompen geïnstalleerd.


Continuïteitsparagraaf

Het doel en ook de kracht van de continuïteitparagraaf ligt in de discussie, die de instelling intern voert over de verwachte effecten van het geformuleerde beleid in de komende jaren. Het is daarbij uiteraard denkbaar, dat de realisatie in de toekomst in meer of mindere mate afwijkt van de informatie in de continuïteitparagraaf. De onzekerheid, die inherent is aan het calculeren van toekomstige baten en lasten, vraagt om het nodige voorbehoud en ook de gang van zaken in de praktijk kan aanleiding geven tot latere aanpassing van hetgeen eerder is voorzien.

Coronacrisis

Ten tijde van het schrijven van dit bestuursverslag heeft de wereld te maken met de coronacrisis. De inspanningen tijdens de crisis zijn gericht op de verzorging van het onderwijs op afstand. Met name ook met betrekking tot de aandacht voor leerlingen in kwetsbare situaties is de afstemming met de gemeente goed tot stand gekomen. Daarbij vormt de professionele cultuur waarbij er op teamniveau, maar ook schooloverstijgend en met staf en bestuur effectief gecommuniceerd kan worden een organisatiekenmerk dat ook in onzekere tijden houvast biedt.

Met betrekking tot de materiële toerusting, waaronder de devices en digitale infrastructuur zijn extra investeringen gedaan die passen bij het meerjarenbeleid met betrekking tot ICT en als zodanig geen financieel risico impliceren. Het tijdvak van de investering is hooguit naar voren gehaald.

De onderwijskundig leiders overleggen hoe zij, indien er geleidelijk sprake zal zijn van normalisatie, de onvermijdelijke achterstanden systematisch zullen inlopen. Als daarbij externe hulp wordt ingeroepen, komen deze kosten ten laste van het professionaliseringsbudget. Concluderend kan gesteld worden dat de immateriële bekommernis de boventoon voert.

Meerjarenbegroting

Op 23 juni 2019 is de meerjarenbegroting over de schooljaren 2019-2020 tot en met 2022-2023 goedgekeurd door de raad van toezicht. In de in deze paragraaf opgenomen meerjarenbegroting zijn de schooljaren herleid naar kalenderjaren. De onderhavige meerjarenbegroting is gebaseerd op het meest waarschijnlijke scenario.

Ten tijde van het opstellen van deze continuïteitsparagraaf is de meerjarenbegroting over de schooljaren 2020-2021 tot en met 2023-2024 onderhanden. Hierin worden de actuele gegevens en inventarisaties van onder andere leerlingprognose, personele inzet, investeringen in activa, groot onderhoud en werkdrukverlaging opgenomen. De vaststelling van de meerjarenbegroting vindt plaats in juni 2020.

De basis voor een groot aantal berekeningen van de bekostiging in de meerjarenbegroting en het meerjaren formatieplan wordt gevormd door de prognose van het aantal leerlingen voor de komende jaren. Deze ramingen zijn in april 2018 en april 2019 aangeleverd door de directies van de scholen.

In onderstaande grafiek worden de leerlingaantallen weergegeven zoals deze in de meerjarenbegroting geprognotiseerd zijn op peildatum 1 april 2018 en 1 april 2019.

aantal leerlingen
aantal leerlingen
2017 2018 2019 2020 2021 2022
1 april 2018 3332 3374 3413 3439 3485 3485
1 april 2019 3318 3370 3411 3414 3460 3463

Meerjarenbalans

Realisatie 2019 Begroting 2020 Begroting 2021 Begroting 2022
Activa
Materiële vaste activa € 4.143.000 € 4.094.000 € 3.674.000 € 3.303.000
Vorderingen € 1.659.000 € 1.380.000 € 1.380.000 € 1.380.000
Liquide middelen € 5.501.000 € 3.767.000 € 3.624.000 € 3.823.000
Totaal activa € 11.303.000 € 9.241.000 € 8.678.000 € 8.506.000
Passiva
Algemene reserve € 4.203.000 € 4.060.000 € 4.054.000 € 3.936.000
Bestemmingsreserves € 3.216.000 € 1.790.000 € 1.479.000 € 1.431.000
Voorzieningen € 1.629.000 € 1.091.000 € 845.000 € 839.000
Kortlopende schulden € 2.255.000 € 2.300.000 € 2.300.000 € 2.300.000
Totaal passiva € 11.303.000 € 9.241.000 € 8.678.000 € 8.506.000

In de meerjarenbalans zijn de gerealiseerde cijfers over 2019 verwerkt en de begrote cijfers over de jaren 2020, 2021 en 2022. Doordat de meerjarenbegroting is vastgesteld in juni 2019 en is opgesteld op basis van schooljaren sluiten de saldi van het eigen vermogen en liquide middelen per eind 2019 en begin 2020 niet op elkaar aan.

De investeringsbegroting is verwerkt in de meerjarenbegroting. De jaarlijkse investeringen en afschrijvingen hebben invloed op de materiële vaste activa.

De wijzigingen in het eigen vermogen worden veroorzaakt door de exploitatiesaldi van de verschillende jaren. Mutaties in de voorzieningen vinden plaats door middel van stortingen en onttrekkingen. De stortingen komen ten laste van de exploitatierekening van het betreffende jaar. Onttrekkingen worden rechtstreeks ten laste van de voorzieningen geboekt. De onttrekkingen hebben betrekking op gepland onderhoud volgens de diverse meerjaren onderhoudsplanningen uit 2018.

Meerjaren exploitatiebegroting

Realisatie 2019 Begroting 2020 Begroting 2021 Begroting 2022
Baten
Rijksbijdragen ministerie OCW € 24.225.000 € 23.515.000 € 23.619.000 € 23.634.000
Overige overheidsbijdragen € 41.000 € 42.000 € 39.000 € 39.000
Overige baten € 200.000 € 246.000 € 194.000 € 134.000
Totaal baten € 24.466.000 € 23.803.000 € 23.852.000 € 23.807.000
Lasten
Personeelslasten € 19.696.000 € 20.431.000 € 20.456.000 € 20.346.000
Afschrijvingen € 559.000 € 692.000 € 702.000 € 679.000
Huisvestingslasten € 1.400.000 € 1.363.000 € 1.362.000 € 1.363.000
Overige lasten € 1.602.000 € 1.716.000 € 1.650.000 € 1.587.000
Totaal lasten € 23.257.000 € 24.202.000 € 24.170.000 € 23.975.000
Financiële baten en lasten € 2.000- € 1.000 € 1.000 € 1.000
Resultaat € 1.207.000 € 398.000- € 317.000- € 167.000-

De reguliere personele bekostiging, het budget voor personeels- en arbeidsmarktbeleid en de prestatiebox zijn gebaseerd op de normen 2019-2020, die op 25 maart 2019 zijn gepubliceerd door het ministerie van OCW. De gelden vanuit het werkdrukakkoord zijn verwerkt in het budget voor personeels- en arbeidsmarktbeleid. De totale rijksbijdragen inclusief de budgetten voor lichte en zware ondersteuning in het kader van Passend Onderwijs, stijgen bijna met € 120.000. De bijzondere bekostiging wegens samenvoeging scholen eindigt met ingang van het schooljaar 2021-2022.

De materiële instandhouding is gebaseerd op de bekostigingsbedragen voor het programma van eisen zoals dit in oktober 2018 is vastgesteld.

De berekening van bovengenoemde rijksbijdragen is gebaseerd op de (geraamde) leerlingaantallen op 1 oktober voorafgaand aan het betreffende begrotingsjaar (schooljaar).

Er is geen rekening gehouden met de herverdeeleffecten modernisering bekostiging. Vanwege de geplande wetswijziging kan de nieuwe berekeningssystematiek op zijn vroegst per kalenderjaar 2022 worden doorgevoerd, beginnend met een overgangsregeling van drie jaar.

Op basis van de indicaties, gebaseerd op de telgegevens en de GGL per 1 oktober 2017, zou Veldvest een negatief effect kennen van € 120.000.

Er is rekening gehouden met uitstroom van personeel op basis van de wettelijke AOW leeftijd of indien bekend eerder. De begrote salariskosten zijn gebaseerd op het aantal benodigde fpe’s (formatieplaatseenheid). In onderstaande grafiek is de totale inzet in fpe’s, inclusief de verwachte inzet ten laste van het intern vervangingsfonds, duurzame inzetbaarheid en ouderschapsverlof, voor de komende jaren weergegeven.

De bezetting in fte’s voor de jaren 2020 tot en met 2022 geven ten opzichte van 2019 een vertekend beeld. De bezetting voor de jaren 2020 tot en met 2022 is vastgesteld in juni 2019. Ten tijde van het opstellen van de meerjarenbegroting, voorjaar 2019, was een aantal gegevens nog niet bekend. Hierbij valt te denken aan de verhoging van de werkdrukgelden (ongeveer 3 fte) maar ook de inzet van zij-instromers.

inzet fte
inzet fte
2017 2018 2019 2020 2021 2022
OP 211 206 208 204 204 204
OOP 54 58 64 61 61 61
Directie 16 16 15 17 17 17
Totaal 281 280 287 282 282 282

Eind 2018 was de hoogte van de bestemmingsreserve personele fricties € 903.000. Deze bestemmingsreserve wordt aangewend indien na vaststellen van de begroting strategische interventies, bijvoorbeeld in de groepssamenstelling, nodig zijn in de personele inzet en niet gecompenseerd worden door hogere baten of andere financiële meevallers.

Lerarentekort

Landelijk wordt geprognotiseerd dat het primair onderwijs in 2020 ruim 4.000 fte leraren tekort komen en in 2025 ruim 10.000 fte. Ook in de regio Zuid-Oost Brabant is schaarste merkbaar.

Voor het invullen van vacatures zijn concurrerende stichtingen vroegtijdig bezig met werving van personeel. Ook Veldvest heeft hierop geanticipeerd door vroegtijdig de prognose op te stellen voor het volume van het aantal fpe’s en dus het aantal medewerkers. De gelden vanuit het werkdrukakkoord zorgen voor extra inzet in formatie. De druk op het volume van beschikbare leerkrachten is daardoor opgelopen. Het aantal afstudeerders aan de Pabo is nog substantieel.

Vervangingen kunnen in toenemende mate niet ingevuld worden door vervangers. Veldvest ziet nog steeds de bereidheid en betrokkenheid van de vaste medewerkers om de vervangingen op de eigen school op te lossen door middel van tijdelijke uitbreidingen.

Ontwikkelingen verbonden partijen

Er zijn op dit moment geen bijzondere ontwikkelingen met de verbonden partij Stichting Samenwerkingsverband PO De Kempen.

Meerjaren kasstroomoverzicht

Realisatie 2019 Begroting 2020 Begroting 2021 Begroting 2022
Kasstroom uit operationele activiteiten
Saldo baten en lasten € 1.210.000 € -399.000 € -318.000 € -168.000
Aanpassingen voor afschrijvingen € 549.000 € 692.000 € 702.000 € 679.000
Aanpassingen voor voorzieningen € -477.000 € -538.000 € -246.000 € -6.000
Veranderingen in vlottende middelen € -175.000 € -2.013.000 € -143.000 € 199.000
Totaal € 1.107.000 € -2.258.000 € -5.000 € 704.000
Kasstroom uit investeringsactiviteiten
Investeringen materiële vaste activa € -691.000 € -502.000 € -243.000 € -357.000
Desinvesteringen immateriële vaste activa € 10.000
Totaal € -681.000 € -502.000 € -243.000 € -357.000
Kasstroom uit financieringsactiviteiten € -2.000 € 1.000 € 1.000 € 1.000
Saldo liquide middelen 31 december T-1 € 5.077.000 € 3.881.000 € 3.322.000 € 3.098.000
Mutatie Liquide middelen € 424.000 € -2.760.000 € -248.000 € 347.000
Eindsaldo liquide middelen € 5.501.000 € 1.121.000 € 3.074.000 € 3.445.000

In het meerjaren kasstroomoverzicht is uitgegaan van de gerealiseerde cijfers over 2019 en de begrote cijfers over de jaren 2020, 2021 en 2022. Doordat de meerjarenbegroting, vastgesteld in juni 2019 is opgesteld op basis van schooljaren, sluiten de saldi van de liquide middelen eind 2019 en begin 2020 in het meerjaren kasstroomoverzicht niet op elkaar aan.

De verwachte eindstand van de liquide middelen bedraagt op basis van de realisatie 2019 en de meerjarenbegroting van juni 2019 eind 2021 € 5.000.000.

Meerjaren investeringsbegroting

De raming van de investeringen is gebaseerd op de input ontvangen van de schooldirecties in de periode maart tot en met mei 2019. Voor de planning van de ICT investeringen is de stafmedeweker ICT in overleg gegaan met de scholen om het onderwijskundig doel en gebruik te bespreken. Vanaf het schooljaar 2019-2020 heeft Veldvest, na het doorlopen van een Europese aanbesteding, een raamovereenkomst voor de ICT hardware.

De geplande ICT investeringen voor de eerste periode van schooljaar 2019-2020 zijn verschoven doordat scholen kritischer anticiperen. De ICT investeringen worden planmatig besteld en ingekocht zodat de implementatie zo geruisloos mogelijk zal plaatsvinden. Daarnaast zal er waar mogelijk gewacht en aangesloten worden op de wensen en eisen vanuit de aanbesteding voor het netwerkbeheer in het voorjaar van 2020.

2019 2020 2021 2021
ICT € 421.000 € 266.000 € 85.000 € 272.000
Meubilair € 169.000 € 18.000 € - € -
Gebouwen en terreinen € 15.000 € 32.000 € 25.000 € -
Leermethoden € 68.000 € 184.000 € 100.000 € 85.000
Overige investeringen € 17.000 € 2.000 € 33.000 € -
Totaal € 690.000 € 502.000 € 243.000 € 357.000

Risicoparagraaf

Rapportage aanwezigheid en werking van het interne risicobeheersings- en controlesysteem

Door de inrichting van beleidsgroepen worden onder andere risico’s ten aanzien van de kwaliteit van het onderwijs en het integraal personeelsbeleid in beeld gebracht en worden, daar waar nodig adequate maatregelen genomen. Voornoemde beleidsgroepen rapporteren halfjaarlijks aan het college van bestuur. De samenvatting van deze rapportages wordt vervolgens besproken in de raad van toezicht en de GMR.

Financiële rapportages worden drie keer per jaar uitgebracht. De planning en control cyclus is gebaseerd op schooljaar, niet op kalenderjaar.

Ten aanzien van risico’s wordt aandacht besteed aan belemmerende factoren bij:

  • het verwezenlijken van de organisatiedoelen;
  • het handelen volgens de geldende wet- en regelgeving (compliance);
  • interne afspraken;
  • het naar behoren verlopen van de exploitatie.

Bij het verkennen van mogelijke scenario’s is het gewenst een aantal begripsomschrijvingen nader te duiden.

Omgevingsverkenning Het inventariseren van ontwikkelingen, gebeurtenissen, trends, tegentrends en trendbreuken, waarop de organisatie zelf niet of nauwelijks direct invloed kan uitoefenen, maar die wel van invloed zijn op die organisatie.
Scenario’s De vertaling van de uitkomsten uit de omgevingsverkenning in toekomstbeelden. Het gaat om een toekomstige omgeving, waarin de organisatie terecht zou kunnen komen, maar waarop ze geen direct invloed heeft. In een scenario staat alleen die toekomst centraal, en het gaat dus nog niet om het vinden van manieren waarop de organisatie op een dergelijke toekomst kan reageren.
Optie Een optie beschrijft een mogelijke reactie van de organisatie op toekomstige omstandigheden. Wat zijn eigenlijk de mogelijkheden om succesvol op een toekomstige omgeving te anticiperen of te reageren?
Routekaart De routekaart geeft kort aan waar de organisatie op dit moment staat, waar ze in de toekomst heen wil (visie) en wat er moet gebeuren om daar te komen, gelet op scenario’s en opties. De routekaart gaat in op wie, wat, wanneer en hoe en geeft richting aan het concrete handelen.

Omgevingsverkenning Scenario Risico/kans Opties/maatregelen Routekaart
Het primair onderwijs stevent af op een flink lerarentekort
Landelijk : 4.000 full time leerkrachten in 2020; 10.000 in 2025
Veldvest kan moeilijk vacatures ingevuld krijgen door verloop van personeel Strategisch risico Onderbezetting in de formatie
Kwaliteitsrisico
Nauwere samenwerking zoeken met de opleidingsinstituten.
Leraren in opleiding (LIO-ers) in dienst nemen.
Proactieve werving en selectie
Wie: PZ
Wanneer: Per direct
Hoe: o.a. via P-centrum
School Huysackers Snelle groei van het aantal leerlingen Kwaliteitsrisico Anticiperen en voorsorteren van (toekomstige) medewerkers Wie: PZ
Wanneer: continue
Verduurzaming Onduidelijkheid waar de verantwoordelijkheden liggen. Hoge kosten met lange terugverdientijd Consequenties dekken uit de bestemmingsreserve verduurzaming.
Deze reserve is in 2018 gevormd voor € 300.000.
Wie: Huisvesting en FZ
Wanneer: continue
Hoe: IHP, jaarplannen
Toekomst passend onderwijs Aanpassen systeem passend onderwijs Negatieve financiële consequenties van aangepaste wet- en regelgeving
Kwaliteit van het onderwijs
Consequenties dekken uit de bestemmingsreserve passend onderwijs.
Deze reserve bedroeg ultimo 2018 € 500.000
Wie: BPO en FZ
Wanneer: continue
Knelpunten onderwijshuisvesting Huisvesting
dossiers Veldvest
Onduidelijke en onvolledige wet- en regelgeving
Onduidelijkheid verloop IHP gemeente Veldhoven
Zie toelichting hieronder Wie: PZ-FZ
Wanneer: Continue
Onbetrouwbare overheid Verhouding personele lasten / totale baten hoger dan 85% doordat bekostiging niet volledig is of achterblijft. Onduidelijkheid of onvolledige indexatie van de bekostiging Aanhouden bufferliquiditeit / aanwenden bestemmingsreserves Wie: PZ-FZ
Wanneer: Continue
Modernisering bekostiging Op basis van 1-10-2017 ontvangt Veldvest € 120.000 minder bekostiging. Zodra regeling definitief anticiperen in FPE norm, overgangsregeling. Wie: PZ-FZ
Wanneer: Continue
Groeibekostiging Groeibekostiging blijkt hoger dan begroot. Maandelijks monitoren
Aanstellen functionaris gegevensbescherming
Wie: PZ-FZ
Wanneer: Continue
Cyberrisico’s Datalekken Reputatieschade
Continuïteit primaire proces en bedrijfsvoering
Bewustwording medewerkers
Verzekeren
Wie: Allen
Wanneer: continue

Knelpunten onderwijshuisvesting

Door een aantal tekortkomingen in het huidige huisvestingsstelsel onderwijs wordt publiek geld op dit moment inefficiënt ingezet voor onderwijshuisvesting. De PO-Raad, de VO-Raad en de VNG hebben daarom de handen ineengeslagen en een gezamenlijk plan gepresenteerd, waarmee ze deze knelpunten willen wegwerken.

Op dit moment zijn gemeenten verantwoordelijk voor de nieuwbouw van de schoolgebouwen en de schoolbesturen voor het onderhoud. Over renovatie zijn echter geen afspraken gemaakt. Daarnaast ontbreken er regels, die bepalen wie verantwoordelijk is voor vervangende nieuwbouw en verbiedt de wet schoolbesturen om onderwijsgeld te investeren in nieuwbouw van scholen.

De concretisering van het huisvestingsvoorstel gaat uit van het handhaven van de huidige financieringsstromen. Aanvullend kan de versoepeling van het investeringsverbod leiden tot een gezamenlijke financiering die de kwaliteit van onderwijshuisvesting kan vergroten dan wel het moment van investeren kan vervroegen. De verwachting is dat het wetsvoorstel in het voorjaar van 2020 naar de Tweede Kamer wordt gestuurd. De uiteindelijke inwerkingtreding van de wetswijziging zal in augustus 2022 plaatsvinden.

Toetsing financiële positie

Het rapport van de Commissie Vermogensbeheer Onderwijsinstellingen (Don) stelt het begrip “kapitaal” centraal. “Kapitaal” verwijst hier naar de som van de bezittingen. “Vermogen” verwijst naar de wijze waarop die bezittingen zijn gefinancierd, namelijk met eigen of vreemd vermogen. In geen geval moet kapitaal of vermogen worden beschouwd als een synoniem voor liquide middelen.

Het voorliggende model voor de toetsing van de financiële positie is ontwikkeld door de financiële specialisten van de PO Raad op basis van de bevindingen van de Commissie Don. In deze toetsing staat het begrip “financiële ruimte” centraal. Deze ruimte wordt bepaald door het verschil tussen het werkelijk aanwezig kapitaal en het benodigd kapitaal.

Bij de toetsing is voorlopig uitgegaan van de kengetallen, die de Commissie Don heeft opgesteld voor de verschillende functies, die het kapitaal vervult. Dit betreffen de spaarfunctie, transactiefunctie en bufferfunctie.

De Commissie Don hanteert een norm voor de bufferfunctie van 5% van de totale baten. De hoogte van de bufferliquiditeit in de meerjarenbegroting schommelt rond € 1.100.000. Het is van belang om te beseffen, dat bufferliquiditeiten alleen zorgen voor een tijdelijke opvang van financiële gevolgen.

Aan de hand van de toetsing van de financiële positie en de voorgenoemde kengetallen kan geconcludeerd worden, dat het kapitaal van Veldvest gedurende de looptijd van de meerjarenbegroting op orde is. Het begrotingstekort van de meerjarenbegroting kan met eigen middelen worden gefinancierd.


Volledige jaarrekening 2019



Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/smarty/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 719

Deprecated: Creation of dynamic property Smarty_Internal_Template::$compiled is deprecated in /var/www/vhosts/veldvest.nl/httpdocs/classes/smarty/sysplugins/smarty_internal_template.php on line 719